Implantologie

U mist een tand of kies, enkele of mischien wel alle. Dit betekent dat er een kunstmatige oplossing, namelijk een kroon, brug of kunstgebit, voor u gemaakt wordt. Bij Praktijk Domstad wordt veel met implantaten gewerkt. Hieronder leest u wat implantaten precies zijn en hoe ze functioneren.

Wat is een implantaat?

Een implantaat kunt u vergelijken met een kunstwortel, die op de plaats gezet kan worden van de wortel van de tand of kies die is verloren gegaan. Over het algemeen zijn implantaten gemaakt van titanium en hebben ze de vorm van een schroef.

Titanium is heel biocompatibel, dat wil zeggen dat het lichaam het niet afstoot. Hierdoor kan het bot er direct tegen aan groeien, dit proces wordt osseointegratie genoemd. Van veel implantaten is het titanium oppervlak bewerkt wat de botgroei rondom het implantaat versnelt en waardoor deze na de inheling ook vaster in het bot zal zitten. Als ze ingegroeid zjn, zitten ze muurvast en vormen ze de basis voor een nieuwe tand, kies of gebit. Na de behandeling kunt u zorgeloos weer alles eten!

De ideale basis

Waar kunnen implantaten allemaal voor gebruikt worden? Een implantaat biedt uiteindelijk houvast aan:

  1. Een kroon (vervanging van één enkele tand of kies)
    Als een enkele tand of kies ontbreekt, kan in de ontstane ruimte een implantaat worden geplaatst. Op dat implantaat wordt later de kroon  aangebracht. Het grote voordeel is dat naburige tanden en kiezen onaangetast blijven.
  2. Een brug (vervanging van meerdere tanden of kiezen)
    Als een paar tanden of kiezen ontbreken, zou er een brug of een gedeeltelijke prothese kunnen worden gemaakt. Voor het maken van een brug moeten, net als bij een kroon, naburige tanden en kiezen afgeslepen worden. Dat is natuurlijk zonde als het gezonde tanden of kiezen zijn. Implantaten kunnen dan een aantrekkelijk alternatief zijn. Op de implantaten wordt een brugconstructie gemaakt net zoals op de natuurlijke tandwortels.
  3. Een kunstgebit (vervanging van alle tanden en kiezen)
    Als alle tanden en kiezen ontbreken en het bestaande kunstgebit onvoldoende houvast op de kaak heeft, dan kan het kunstgebit op implantaten worden vastgeklikt. Dit klikgebit kan ook weer uitgedaan worden. Door de aanwezigheid van implantaten wordt het slinken van de kaak sterk afgeremd. Dat is belangrijk want zo behoudt uw gezicht haar natuurlijke vorm.

In principe kan bij iedereen met volgroeid kaakbot (vanaf ongeveer achttien jaar) een implantaat worden geplaatst. Voor een succesvolle behandeling moet u wel aan enkele voorwaarden voldoen:

  • U moet voldoende kaakbot hebben voor de verankering van de implantaten.
  • Uw kaakbot moet gezond zijn.
  • Het tandvlees van de resterende tanden moet gezond zijn. Is dat niet het geval dan wordt dit eerst behandeld.
  • U moet bereid zijn de aangebrachte voorzieningen goed te onderhouden.

De tandarts beoordeelt aan de hand van röntgenfoto’s of u voldoende kaakbot heeft en of het gezond is. Tegenwoordig is het mogelijk nieuw kaakbot te laten ontstaan op plaatsen waar er te weinig van is.

Is de lichamelijke gesteldheid voldoende?

Ziekten of medicijnen die een negatieve invloed hebben op de afweer kunnen een reden zijn om niet te implanteren. Mensen die een hart- of herseninfarct hebben gehad, slikken vaak bloedverdunners; tijdens het zetten van de implantaten zal dit tijdelijk gestopt moeten worden, in overleg met de arts of trombosedienst is dit over het algemeen geen probleem.
Om het tandvlees rondom de implantaten gezond te houden moeten ze goed gepoetst worden, indien de verwachting is, dat dit door de lichamelijke of geestelijke gesteldheid niet goed mogelijk is, zal ook van de ingreep afgezien kunnen worden. Er zijn ook factoren die de kans op succes wat kleiner maken zoals o.a. roken en suikerziekte. In overleg met de patiënt kan de ingreep wel uitgevoerd worden, maar is men zich wel bewust van het lagere slagingspercentage.